MILA DIEREN IN ROSA SPIER HUIS
(Openingswoord bij expo, Laren 7/9/08)
Het is voor mij een eer om de tentoonstelling van mijn zusje Mila van Beek in het Rosa Spier huis te mogen openen.
Nu denkt u vast dat de familie van Beek elkaar de hand boven het hoofd houdt in de kunst. Dat is ook zo. Toen Mila me vertelde dat ze hier een tentoonstelling kreeg, vroeg ik spontaan: ‘Mag ik die openen?!’ Waarop Mila reageerde: ‘Ja! Waarom niet?’
Nu heb ik natuurlijk wel even nagevraagd of ze het echt meende - je weet het maar nooit bij een grillig kunstenaar - maar het is toch echt de bedoeling dat ik hier sta.
Mocht nu het idee zijn ontstaan dat ik hier de schone schijn zit op te houden, kan ik u maar beter meteen vertellen dat ik oprecht vind dat Mila mooi werk maakt en kan ook uitleggen waarom.
Dat ligt tenminste aan drie dingen.
Ten eerste haar talent. Al vroeg, als kind tekende zij dieren. Paarden, leeuwen, honden. Ze deed dit met een enorme vaardigheid. Er wordt wel gezegd dat talent eigenlijk niet bestaat, maar dat het zich jong ontwikkelt door oefening. Bij Mila is dat absoluut het geval. Er zijn schetsboeken, kladblokken vol met Mila dieren. En meestal helemaal niet getekend met speciale materialen, maar gewoon met ballpoint of viltstift. Voornamelijk lijnen van het dier, zonder achtergrond of toevoeging.
Ze volgde een opleiding aan de Arnhemse Kunstacademie, maar niet een beeldhouwersopleiding, dat kwam pas na de Academietijd. En ze is de afgelopen twintig jaar voornamelijk beeldhouwer. Dieren zijn nog steeds voornamelijk haar onderwerp. Ze laat zich wel inspireren door niet-westerse volkskunst, maar heeft vooral haar eigen, gave stijl verder ontwikkeld.
Ten tweede, haar vakmanschap. Mila beheerst de steen waar zij uit hakt volledig, ze kent de aard van het materiaal.
Ten derde en tevens het belangrijkste: haar manier van kijken en voelen. Zij weet de ziel van een dier te treffen. Zij zegt over dieren: ‘Voor een dier moet je respect hebben, onderschat de kracht niet’. Deze kracht weet ze in haar beelden om te zetten, waardoor het altijd meer is dan zomaar een beeldje.
Zij weet een specifieke houding of beweging te treffen en houdt zich bezig met wat zij noemt de mystiek en ondoorgrondelijkheid van het dier. Ze zoekt en vindt een wezenlijke expressie.
En heeft oog voor detail.
ANEKDOTE
Dit wil ik illustreren aan de hand van een anekdote. Ze kent deze misschien, maar ik wil hem graag nog eens bij deze gelegenheid vertellen.
Mila was nog klein en ik ook, maar toch tien jaar ouder. Ik had haar van school gehaald en moest even iets brengen of halen bij een mevrouw in de buurt. Zo kwam ik met haar de huiskamer van de mevrouw binnen en wisselde een en ander met haar uit. Het was een kort moment, dus we hielden onze jassen aan. Mila droeg een wollen jasje, dat gemaakt was door mijn moeder. Het was afgebiesd met rood band en veel gedragen.
Mila bleef midden in de kamer staan en begon met haar vingertje te wijzen naar alles wat zich in de kamer bevond, een schilderij, afbeelding, klok, plant, een vogel enzovoorts en benoemde het.
De mevrouw keek onthutst naar het kleine meisje en reageerde: ‘Nou, jij hebt je ogen ook niet in je zak zitten!’
Waarop Mila’s handje naar het afgebiesde zakje van het winterjasje ging en ze voorzichtig in het zakje van haar versleten jasje gluurde.
Een ontroerend, humoristisch moment, net zoals haar beelden dit teweeg kunnen brengen. Vandaar dat het nooit zomaar beeldjes zijn. Dat is op deze tentoonstelling te zien tot 19 okt.
