Een film die nooit af is, een film less ordinary

Tijdens het Nederlands Film Festival, NFF draait in het Louis Hartlooper Complex een serie exclusieve films in het Forum van Regisseurs. Gekozen door filmcritici Dana Linssen en J.P. Ekker. Een boekje is verschenen over deze grenzeloze films uit ‘tussengebieden’. Daarin een originele tekst van schrijfster Bianca Stigter, waarin ze de regels van de taal overschrijdt, tegemoetkomend aan het eigenwijze vormelement in deze regisseursfilms.

Geen gangbare structuur. Beyond Index van kunstenaar Gerald van der Kaap is anders als anders. Misschien is Van der Kaap wel een internationale ‘Zeroïst van de 21ste eeuw’. Zijn werk is omvangrijk, hij is zelf ook groot. Hij uit zich in alle disciplines, muziek, video, lay-out, foto’s. Metershoge foto’s binnen en buiten, binnenkort ook in het nieuwe Amsterdamse RAI metrostation. Beyond Index is zijn eerste lange film die het eerder moet hebben van oog en oor dan vertelling. De soundtrack, deep-house van de Berlijnse groep Âme, zoemt constant door je oren.

In de film draait het om de vragen: wat is echt, wat niet en waarom? De locatie is een Chinese schilderijen-kopieerfabriek. Grote voorraden beroemde, figuratieve westerse voorstellingen worden hier nageschilderd door jonge schilders, zoals door kunststudente Fang met het schone uiterlijk van een Chinees poppetje. Aan het gangbare kopieerwerk – zoals de Zonnebloemen van Van Gogh – worden ineens abstracte schilderijen, reliëfs toegevoegd. Alsof Van der Kaap zeggen wil: er was een revolutie in de kunst, er is evolutie, waar kan ik het zwartste zwart vinden? (variant op het wit van Jan J. Schoonhoven). Het zwartste zwart is nodig voor het ultieme Zwarte Vierkant van Malevitsj en daarop, de consequentie hiervan, de ZERO kunst uit de jaren 1960. Het kenmerk van ZERO —het begin of het eind, bevrijding van vorm, herhaling van eendere dingen, moFvdR17_Beyond-Index-1nochromie – was tot dan toe onbekend. Tot Fang begint aan een reliëf van glimmende centen op een stof plakken, een knipoog naar de centen-reliëfs van kunstenaar Jan Henderikse. Daar verschijnt ook Yves Klein als een mysterieus figuur die zijn eigen blauw creëerde. Het intensieve Yves Klein blauw als de oneindige blauwe lucht bestaat in de Chinese steden feitelijk niet; Chinese luchten worden omfloerst door een laag smog als een vitrage. Het gemis aan scherpte, aan blauw, wordt hier ingevuld. Het intrigerende eindbeeld is een verwijzing naar Kleins Sprong in de leegte, waarin een van de hoofdpersonen zich bevrijdt in een ultiem vliegend stilgezet trucagebeeld. Wat is echt?

Verder zit de telefoon in de film als een extra karakter die berichtjes zendt in de lucht. Soms een citaat, dan weer iets wat zich tijdens de opnamen voordeed. De film vol spontane invallen doet denken aan de spontaniteit van een Godard film. Het zal een heksentoer zijn geweest voor cast en crew om Van der Kaap te volgen. Dit beaamde productie medewerkster Bernet Crucq na de voorstelling, al was het niet en public.

Beyond Index is kennelijk nooit af; Van der Kaap is alweer bezig aan een nieuwe versie met een commentaar van Paul Groot als narratief element. In alles wijkt deze film af, tot en met de titels. Als kunstenaar is hij vrij; het is een opdracht van het Mondriaan Fonds en Filmfonds. Gepresenteerd door producent Interakt als een bioscoopfilm van 83 min., waagt tot nu toe geen filmdistributeur zich aan dit kunstwerk als een film less ordinary.

This entry was posted in columns and tagged , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.